top of page

Ik bén geen homo...

Bijgewerkt op: 7 mrt.

Ik bén geen homo, maar een man die homoseksuele seks heeft. Heel wat anders...


Wat een verademing dat te ontdekken, toen ik mij daarvan bewust van werd.

Elk kind krijgt vroeg of laat te maken met het thema seksualiteit en met de vraag waar haar of zijn voorkeur ligt. Een heteroseksuele voorkeur wordt als ‘normaal’ gezien, het kind mag en kan het vrij ontdekken of er voor uitkomen. Door het ‘anders’ aankijken tegen homoseksualiteit en door de stigma’s die er verbonden zitten aan het homo 'zijn', kan het kind totaal op slot komen te zitten en moeite krijgen de ware identiteit te laten zien. Het heet niet voor niets ‘uit de kast komen’, als iemand openheid geeft over de seksuele voorkeur.


De verandering van identiteit


Ik schrok mij lam toen ik mij op latere leeftijd bewust werd van het impact dat het sticker ‘homo’ heeft gehad op mijn identiteit. Zo rond mijn 9de ontdekte ik dat ik een voorkeur had voor jongens en dus eigenlijk al vanaf dat moment heb ik mijzelf dat sticker opgeplakt. Vanaf dat moment was ik geen jongen meer, maar een homo. Aan het begin van mijn puberteit was het helemaal duidelijk dat ik mij seksueel aangetrokken voelde tot jongens en vanaf dat moment had ik mijzelf benoemd tot vuile homo, een nicht of een flikker. Dat waren immers de benamingen die op school rondgingen over gay mannen en jongens.


Ik was geen jongen meer, maar een homo.


In mijn hoofd was ik ineens geen jongen meer, maar een homo, of zelfs een nicht of een flikker. De houding van klasgenoten over homoseksualiteit was erg negatief, hard en afwijzend. Ik deed er alles aan om niet te laten zien dat ik met die strijd worstelde. Door deze benamingen ben ik mij heel anders gaan voelen, opstellen en gedragen tegenover andere jongens die zich aangetrokken voelden tot meisjes. ‘Sowieso kijkt iedereen anders tegen mij aan als ze zouden weten dat ik homo ben', was een overtuiging. De samenleving en de school vonden natuurlijk van alles van het homo zijn. Het geloof waarmee ik opgroeide, liet mij begrijpen dat ik een ‘foutje van God’ was. ‘Zo heeft God het niet bedoeld’, kwam vanuit de kerk. Nu moet ik er vreselijk om lachen, maar toen had dit natuurlijk een enorm impact.


Veel jongeren ervaren nog steeds een angst om voor hun homoseksualiteit uit te komen, juist door het impact wat dit sticker heeft op een kind of puber. Als puber voelde het voor mij niet veilig om ‘homo’ te zijn. Doordat ik was ‘vergeten’ dat ik gewoon een jongen, een mens was, ben ik eigenlijk een leven gaan leven waarin een scheiding kwam tussen mensen met een hetero voorkeur en mensen met een homo voorkeur.


Door het stigma dat aan het sticker homo hangt, voelde het als: ‘zij staan aan die kant, zijn compleet en horen daar met elkaar, ik sta aan deze kant, ben ‘vreemd’ en kan alleen maar omgaan met andere ‘homo’s’. Ik hoor daar niet bij en alleen hier is het veilig. Ik realiseer mij nu pas, dat ik mij daardoor als (jong)volwassene eigenlijk altijd minder ‘man’ heb gevoeld t.o.v. heteromannen. Een gay-man is geen echte man en zo ben ik over mijzelf gaan denken.

De maatschappelijke omgang met en het oordeel over homoseksualiteit, maakt het sticker ‘homo’ zo beladen en kan daarom zo’n gigantisch impact hebben op een mens dat op een moment in haar of zijn leven ontdekt dat zij of hij een seksuele voorkeur heeft voor hetzelfde geslacht. Veel meisjes en jongens die ont-dekken dat zij een homoseksuele voorkeur hebben en zich niet echt veilig hebben gevoeld met die seksuele voorkeur in hun jeugd, zullen op latere leeftijd issues uit te werken hebben in hun contact met mannen en vrouwen in het algemeen.


De bevrijding


Ik werd mij daarvan bewust tijdens een zweethut waar ik aan mee deed en waar ‘toevallig’ alleen 7 andere mannen bij aanwezig waren. Volgens mij ook ‘toevallig’ allemaal heteroseksueel. Voor degene die nog nooit een zweethut hebben gedaan, je moet je voorstellen dat je dan met elkaar (naakt) zit in een soort van Iglo-vormige, vrij kleine, lage hut van Wilgentakken, waar het pikdonker in wordt als de ‘deur’ van de hut wordt bedekt met de laatste dekens. Vanaf het moment dat ik met die andere mannen in de hut zat, voelde ik een angst en een schaamte opkomen bij mijzelf. Ik herkende dit gevoel natuurlijk al lang, maar ik ‘snapte’ niet waarom ik dat nog steeds voelde in de aanwezigheid van andere mannen. Ik wist natuurlijk wel dat het met het thema homoseksualiteit te maken had en dat ik met de angst in aanraking kwam die ik als ‘homo’ voelde bij de overtuiging dat hetero’s niets van homo’s moesten hebben.

Toen het eenmaal volledig donker was, vroeg ik mij af waarom ik mij nog steeds niet echt thuis voelde met heteromannen. Het antwoord dat opkwam verbaasde mij zelf op een manier: ‘Ik ben een homo, zij zijn mannen’. Dat zou dus impliceren dat ik geen man meer was, een overtuiging die totaal niet klopte. Ik snapte ook direct waarom ik mij altijd minder en kleiner had gevoeld bij mannen die hetero waren. Zij waren namelijk completer, echter, mannelijker dan ik.


Gelijk op dat moment heb ik denkbeeldig dat sticker van mijzelf afgetrokken en met de andere mannen gedeeld wat voor angst ik had gevoeld door met hen zo dicht op elkaar samen te zijn. Aangenaam verrast was ik te ontdekken dat zij mij NATUURLIJK gewoon hadden gezien als een man en zich helemaal niet hadden bezig gehouden met de vraag of ik homo of hetero WAS. Verbazingwekkend, omdat zij mij dus gewoon als man hadden gezien en ik dat dus zelf blijkbaar sinds lang ‘vergeten’ was.


Het heeft mij een paar weken gekost om die ‘verkeerde’ benaming van mijzelf recht te zetten:


‘Ik ben geen homo. Ik ben een MAN met een homoseksuele voorkeur’.


De bevrijding is voor mij enorm. Het voelt inmiddels of mijn ‘man’ is opgestaan in mijzelf. In mijn seksuele voorkeur is niets verandert, maar ik BEN weer een man en niet meer een homo. Ik merk het verschil in de omgang met zowel vrouwen als mannen. Ik handel meer vanuit mijn ‘Innerlijke man’, mijn angst naar andere mannen is zo goed als weg en ik voel eindelijk gelijkheid tussen mijzelf en andere (heteroseksuele) mannen. Ik voel mij stuk zekerder, krachtiger en completer.


Aan jongeren die zichzelf ontdekken wil ik meegeven:


Vergeet niet dat je altijd een mens bent, een meisje of een jongen, een jonge meid of een jongeman, ook al heb je een seksuele voorkeur die het sticker ‘homo’ krijgt.

Je BENT het niet!! En dat kan volgens mij echt het verschil maken tussen welk persoon jij aan de wereld laat zien en vanuit welke kracht je dat doet. Laat de beperkingen van de sticker ‘homo’ je niet beperken in je identiteit.



248 weergaven0 opmerkingen

Recente blogposts

Alles weergeven

Het Innerlijk Kind in ons

Wat versta ik onder het innerlijk kind? De term innerlijk kind is eigenlijk veel te beperkt, omdat het niet alleen om het (jonge) kind gaat dat wij ooit waren. Als ik het over het innerlijk kind heb,

Wat schaduwkanten met je doen?

Schaduwkanten houden ons klein en laten ons reageren vanuit emoties en disbalansen. Ze veroorzaken vaak conflicten en onbegrip.

コメント


bottom of page